You are here

Sint-Lambrechts-Herk: drie heerlijkheden

Description

Een heerlijkheid is een gebied dat toekomt aan een heer. Aan dit bezit zijn een titel en een aantal heerlijke rechten verbonden. Sint-Lambrechts-Herk was opgedeeld in drie heerlijkheden: Schoonwinkel in het noordoosten en Tenhove in het zuidoosten vormden elk een afzonderlijke heerlijkheid, Wideux op de westkant was gespreid over twee kwartieren, Roost en Oosterbeek. Elk van de drie voornoemde heerlijkheden vormde een allodium (= eigengoed) dat rechtstreeks onder het gezag van zijn heer stond. Deze had zelf geen verplichtingen tegenover het gezag van de landsheer, in casu de prins-bisschop van Luik. Wanneer elk van de drie heerlijkheden haar bestuurlijke autonomie verwierf is niet geweten. De belangrijkste rechten die tot de bevoegdheid van een heer behoorden waren het recht om een eigen banmolen op te richten, een banbrouwerij (= paanhuis) uit te baten, over een eigen jachtgebied (= warande) te beschikken, de controle over de waterlopen en het recht om jaargedingen te houden, waar de keuren aan de bevolking werden ter kennis gesteld en eventueel aangevuld werden.

De heerlijkheid Schoonwinkel lag in het noordoostelijk deel van Sint-Lambrechts-Herk. Het centrum ervan was een grote hoeve waarvan de fundamenten teruggevonden werden in een weide die besloten ligt tussen de Vorststraat, de spoorbaan en de Wijerveldstraat. Het was een herenhoeve die beschikte over een duifhuis en een molen. In oude geschriften zijn nog fragmenten over de geschiedenis van de heerlijkheid Schoonwinkel terug te vinden. De eerste vermelding van deze heerlijkheid dateert uit 1361. Toen overleed Johan de Mür, heer van Schoonwinkel. De weduwe van deze oudst bekende heer hertrouwde met Johan de Herte. Op 15 januari 1409 overleed Herman van Wideux, echtgenoot van Ida de Moers. Ida de Moers was de erfdochter van de heerlijkheid Schoonwinkel. Door dit huwelijk verloor Schoonwinkel heel wat van zijn prestige en werd het enkele jaren later geaffilieerd bij Wideux.

In 1456 wordt de naam van Goeswijn de Vivier geciteerd in verband met een lening die afgesloten was met een koopman uit Luik tegen een interest van 120 mud spelt (1 mud = 1 liter). Toen de heerlijkheid als erfgoed moest verdeeld worden tussen de zes kinderen van de heer kwam er vanzelfsprekend onenigheid. De erfenis werd beslecht door bemiddeling van de secretaris van de Luikse schepenbank, ofschoon Schoonwinkel over een eigen schepenbank beschikte. Anno 1471 werd Arnold de Corswarem heer van Schoonwinkel, nadat hij door bemiddeling van de eerder vernoemde secretaris in het bezit van de heerlijkheid gekomen was. In de jaren 1573-1578 moest de bode van de schepenbank van Schoonwinkel zich ter beschikking houden van doortrekkende soldaten, die van hem een aantal karren en paarden vorderden. Zes dagen lang moest hij de troepen volgen en erover waken dat de trekdieren terugbezorgd werden. Indien hij hier niet in slaagde, dan moest de burgemeester maatregelen treffen om de dieren terug op te eisen en anders het verlies uit de dorpskas te vergoeden. Ingezetenen van Schoonwinkel hadden in april 1634 op het nabije kerkhof fruitbomen aangeplant. Het fruit werd echter door de kerkmeester voor eigen profijt verkocht. Hierover ontstond er een fikse rel, gezien "die moeyten ende costen van de plantinge geschiet is by de gemeynte". Er wordt overeengekomen dat "die vruchten die daervan sullen coemen, halff ende halff sullen gepartageert worden".

In 1653 worden het woonhuis met neerhof en een vierde van de grond van Tenhove openbaar verkocht aan graaf de Schwartzenberg. Achtereenvolgens was Schoonwinkel in handen van de geslachten de Corswarem (1471), de Schwartzenberg (1653) en de Trappé (eind achttiende eeuw). Graaf de Schwartzenberg benoemde de heer Palmaert tot meier van zijn heerlijkheid. Baron de Cecil en J. de Luesemans verkochten in 1857 op Schoonwinkelhoven een pannenbakkerij, twee ovens, twee droogplaatsen, een werkhuis en enige percelen grond.

De heerlijkheid Tenhove was gelegen in het zuidoostelijk deel van Sint-Lambrechts-Herk op de limiet met Alken. Enkele gronden van de huidige gemeente Alken behoorden vroeger tot het patrimonium van Ten Hove. Het kasteel van de heerlijkheid was gebouwd bij de Mombeek op de plaats van de "Stenen Kumpel". De vroegere heerlijkheid beschikte over een eigen gerecht dat rechtstreeks afhankelijk was van de schepenbank van Luik. Ten Hove was immers ook een Luiks leen, in geen enkel opzicht afhankelijk van het graafschap Loon. In 1653 kocht graaf de Schwartzenberg naast de heerlijkheid Schoonwinkel ook nog een vierde van Ten Hove aan als persoonlijk bezit. Als meier van Ten Hove stelde hij ridder d'Erckenteel aan. d'Erckenteel was omstreeks het eind van de achttiende eeuw nog in het bezit van de heerlijkheid.

Intussen waren andere delen van Tenhove in het bezit gekomen van de families Nagan uit Luik en de Trappé, maar uiteindelijk kwam alles toch opnieuw in handen van het geslacht d'Erckenteel. Naast het kasteel verrees een motte, een versterkte plaats.

De heerlijkheid Wideux was gelegen ten westen van de baan Hasselt – Sint-Truiden. De heren beschikten er over een eigen rechtspraak, een eigen kasteel, een eigen brouwerij, een eigen hof met vijver en twee hoeven. Binnen het kader van de leenroerigheid moest elke leenman trouw zweren aan zijn leenheer, zijn militaire verplichtingen tegenover hem nakomen en in geval van overlijden moest zijn opvolger het leengoed opnieuw verheffen. Op deze regel maakte Wideux een uitzondering omdat het, zoals de twee voornoemde heerlijkheden, een allodium (= eigengoed) was. Op allodiale eigendommen stonden geen verplichtingen en evenmin moesten ze verheven worden. Zodoende zijn er voor Sint-Lambrechts-Herk geen leenverheffingen bewaard, waarin de namen van de eigenaars van het goed opgetekend staan.

Uit: Sint-Lambrechts-Herk / Warm aanbevolen (2011), pp. 22-24.

Referenties

Sint-Lambrechts-Herk / Warm aanbevolen (2011)
Titel: 

Sint-Lambrechts-Herk / Warm aanbevolen (2011)

Ondertitel: 
Vroeger en nu
Plaats van uitgave: 
Hasselt
Jaar van uitgave: 
2011

Recent toegevoegd

Auteur: Jean Nicolaï Kunstschilder Antoon Emile Arnoldus Georgius Kolb werd in Hasselt geboren in 1889...
Pagina in opbouw. Informatie, foto's en verhalen over de Hasseltse politie zijn welkom. In 1991...
Auteur: Mieke Strauven Grauwzuster Gertrudis van Schaffelen kwam in 1626 aan in Hasselt, met als doel...

Prinsbisdom Luik, 1659

Gebrandschilderd glas. Hasselt, Het Stadsmus, inv. nrs. 2014.0370 tot en met 2014.0377.

Maria-Helena Hubrechts was de zus van E.H. Jozef Hubrechts . Ze overleed samen met hem in de nacht van...
Eerwaarde Heer Jozef Hubrechts was pastoor van de Onze-Lieve-Vrouwbasiliek. Hij overleed samen met zijn...
Van 2014 tot eind 2018 was Steven Vandeput minister van Defensie en Ambtenarenzaken in de federale...
Emiel Baptist werd geboren in 1895 in Godsheide als zoon van dienstknecht Andreas (Zonhoven 1847-Hasselt...
Auteur: Marc Jacobs Zie tekstpagina voor de uitgebreide beschrijving. Louis Berten werd geboren op 30...
1795-1824 : Etienne-François de Stenbier 1825-1867 : Charles-Philippe de Cecil 1868-1869 : Conrardus...