Maastrichterstraat - uit: Hasselt intra muros (1989)

Description

pp. 93-127

Op de oudste, vrij rudimentaire plattegrond van onze stad – de kaart werd in het voormalige stadsmuseum bewaard – wordt deze straat aangeduid met de omschrijving den alden steen wegh. Latere documenten noemen haar de straet die naer Triecht geet (de vertaling van in platea ducente versus Trajectum).

Het was de langste, de meest onregelmatig kronkelende en de volkrijkste straat van de stad; ze telde ongeveer honderd woningen.

Traditioneel splitste men het tracé op in drie stukken:

1. die Corte triechterstraete, die zich uitstrekte van de Markt tot aan de Wermoes straete (Kleine Capucienenstraat). Dit gedeelte daalt sterk hellend af tot aan de Beek en klimt vervolgens nogal opvallend tot aen den Heuvel (Grote Capucienenstraat), het eindpunt van dit stuk. De Schorsmarkt, die met een bocht het rechte tracé van de straat enigszins doorbreekt, behoort eveneens tot dit eerste deel;

2. die rechte triechterstraete, die de verbinding vormde tussen de Kleine en de uitloper van de Grote Capucienenstraat.;

3. aen die triechterporte, het gedeelte van de Grote Capucienenstraat tot aan de stadsvesten.

Die rechte triechterstraete, met den Heuvel als hoogste gedeelte, vormde a.h.w. de oostkam of ruglijn van de kam van de Hellebeek; de westkam werd gevormd door de Nieuwstraat, de Markt en de Hoogstraat. Vanaf de Grote Capucienenstraat glooide de straat zachtjes in oostelijke richting tot aan de Sint-Jansbeek, die onder de Maastrichtersteenweg door in de richting van de Oude en de Nieuwe Demer vloeide. Die rechte triechterstraete maakte te hoogte van De Pasteye een bocht met een rechte hoek. Op dat punt werd ze met een kleine waterloop doorsneden, die uit de tuin van het huis De Corswarem kwam en het afvoerwater van verscheidende huizen aan de straat met zich voerde. De sloot stroomde onder de Wellecom aan de Boomgaardstraat door, mondde tenslotte ter hoogte van Het Hemelryck aan de Zuivelmarkt in de Hellebeek uit. Dit riool was tegenover De Kleyne Pasteye overwelfd met een eikehouten deksel, waarvan de planken met dwarsijzers aaneengeklonken waren; pas in de tweede helft van de 19de eeuw werd deze primitieve bestrating door kasseistenen vervangen.

De Maastrichterstraat werd in juni 1850 als rijksweg erkend. In 1722 gingen drie woningen bij de Maastrichterpoort in de vlammen en op in de nacht van 25 februari 1788 werden zes huizen aan deze straat door brand vernield.

Noordkant

-          De Dry Pistolen (rechtervleugel)

-          Die Alde Smisse

-          De Swaen, Het Sweenke, Het Swaentien, De Witte Swaen

-          De Silveren Lamp

-          De Cleyne Valck

-          Den Bril

-          De Cleyne Maeght van Maestricht

-          De Groote Maeght van Maestricht

-          De Dry Duyven

-          De Waepen van Hasselt

-          De Paepegaey, Het Papegaeyken

-          De Soetenaem Jesus, Den Soeten Naeme

-          Het Ancker of Het Kleyn Huys

-          De Eeckel

* Schorsmarkt (later Aardappelmarkt, thans Maastrichterstraat)

-          Sint-Franciscus

-          Het Kleyn Rat

-          De Noteboom (Nootenboom)

-          De Oliphant

-          Den Voerman

-          De Dry Kruisen

-          Acht huizen die niet nauwkeurig gesitueerd kunnen worden: De Groote Bierwagen, De Kleyne Bierwagen, twee niet-identificeerbare huizen, De Roosemaryn, twee niet-identificeerbare huizen, huis gelegen naast In Sint-Lambertus

-          In Sint-Lambertus

-          Zes anonieme huizen

-          Den Pruymeboom

-          De Cruywagen

-          De Gekroonde Swaen

-          Enkele anonieme huizen

-          De Reyger

-          Twee anonieme huizen

-          De Blauwe Hondt

* Persoonstraat

-          Refugiehuis van Herckenrode

* Meldertstraat

-          Hoekhuis (thans Hôtel Victory)

-          St.-Rochus

-          De Kleyne Braeck

-          De Groote Braeck

-          Het Cruysancker

-          Twee huizen (Den Naakschen Polka, Het Akkermenneke)

Zuidkant

-          Den Valck

-          De Perroen

-          Het Hoefyser

-          Het Schip

-          De Keyser

-          De Roode Leeuw

-          Anoniem huis

-          De Ketel

-          De Wintmolen

-          De Dry Hoefysers

-          De Gulden Clock

-          St. Antonius

-          Het Root Huysken, Het Root Cruys, Het Bourgoinsch Cruys

-          De Weyndroeff

-          Twee anonieme huizen

-          Den Cruysancker

* Beekstraat (thans St.-Jozefsstraat)

-          De Zeehaen (Le Coq de Mer)

-          De Gulde Haen

-          De Beer

-          De Kleyne Beer

-          Het Kleyn Wynvat

-          Het Wynvat

-          Den Boek

-          Het Hoeghuys

-          De Waeg

* Kleine Capucienenstraat (thans Capucienenstraat)

-          De Groote Witte Helm, De Kleyne Witte Helm

-          Het Swert Peerdt

-          De Stadt Luyck

-          De Kleyne Munthamel

-          De Groote Munthamel

-          De Pasteye

-          De Kleyne Pasteye

-          De Witte Haen

-          Het Steenen Huys

-          De Jaegher

-          Het Verkske

-          Die Trauwe

-          Anoniem huis

-          De Kleyne Witte Haen

-          De Groote Witte Haen

* Grote Capucienenstraat (thans Capucienenstraat)

-          De Verckensdans, het huis Stellingwerff en De Waerdenhof

-          Anoniem huis (Het Paradys)

-          Den Gulden Hondt

-          De Stadt van Tongeren

-          De Cleyne Clock

-          De Groote Clock

-          Sint-Anthonis

-          De Groote Welle

-          De Cleyne Welle

-          Den Ploech

-          Sint-Peeter

-          De Egge

-          Den Armen Duyvel

-          Overige huizen die niet nauwkeurig gesitueerd kunnen worden: Coninck Carolus in die triechterstraet, Het Zwaentje aen die triechterporte, Het Vercken, Het Boschheerenhuys omtrent die triechterporte

* Stadswallen

Aan de overzijde van de stadsomheining lag Het Poepstertje, het zuidelijke hoekhuis van de Trichterbaan. Hubert Nelissen hield er in het begin van onze eeuw een herberg.

Aan de overkant van de baan lag als eerste hoekhuis van de Grote Steeg (de Willekensmolenstraat) Het Vuylwamis (37), een herberg. Het oostelijk hoekhuis was de Sint-Corneliskapel (38), waarachter zich in de richting van de Muggesteeg het Sint-Corneliskerkveld uitstrekte.

Schuin tegenover de steeg, op de vertakking van de huidige Maastrichtersteenweg en de oude Trichterbaan, lag in de 19de en de 20ste eeuw De Gelapte Schako, niet ver van Het Lam.

In dezelfde buurt lag het huis De Drie Padden, dat in de correctieboeken van de 18de eeuw wordt aangehaald als gelegen buiten de Trichterpoort.

Ook het pand De Dry Engelen, vulgo dictus De Drie Kneuksken, lag aan de Maastrichtersteenweg.


(37) Aan de westkant van het Dorp lag het Altwamis. Het woorddeel wamis (vgl. in Maaseik: Het Heilige Wammes) is de vervorming van het naamwoord wambuis, een vest met of zonder mouwen.

(38) Op pagina 55 van Le plus ancien Pouillé du Diocèse de Liège (1497) van Jan Paquay wordt deze kapel voorgesteld als het Altare sive capella S. Barbare et Cornelij op die Calverhese. In 1445 had deze kapel een kerkhof aan de Trichterbaan; de grafmaker Lenaert woonde achter de kapel in het huis van Ghebelen-Thoelen. De archiefstukken maken voor het eerst melding van de St.-Corneliskapel in een testament van 1429, waarbij Johan van Elekom, eigenaar van Die Hant aan de Grote Markt, den fabriken Sinte Cornelys te Calverhese vermaakt een grypen eens te hebben (gichtregister 229, folio 71, Luiks recht). Aangezien de kapel toen over een kerkfabriek beschikte, moet ze reeds geruime tijd vóór dat jaar hebben bestaan. In zijn Hasseletum, pagina 159, geeft Mantelius deze kapel ten onrechte als oprichtingsjaar 1463. Hij beschrijft ze als een gebouw uit kareelen, tamelijk oud en schoon, hebbende ongeveer 64 voet lengte en 24 voet breedte; wij (= de augustijnen) lezen er sinds 130 jaar iedere zaterdag de mis.

Op 21 januari 1567 werd ze door de protestanten verwoest. In 1602 werd ze door Hollandse troepen onder het bevel van Maurits van Nassau geplunderd en werd de klok verbrijzeld. Op 25 oktober 1675 werd de kapel door het geschut van de Hollandse graaf Frederik van Waldeck zo erg beschadigd, dat ze voor de eredienst verder onbruikbaar was. In februari 1676 werden de ramen dichtgemetseld, wat later werd ze afgebroken.

Het Sint-Corneliskerkveld besloeg een oppervlakte van ongeveer anderhalve roede. Het bleef zowat een eeuw als braakland liggen, tot deken Delacourt er in 1759 een tuin van liet maken, waarin anno 1788 tienduizend meekrapplanten stonden.

Het sacrum christma of heilige olie verbleef na zijn overbrenging uit de kathedraal van Luik tijdelijk in deze kapel, totdat het op Palmzondag processiegewijs werd afgehaald en ondergebracht in de Sint-Quintinuskerk.

Recent toegevoegd

Van 2014 tot eind 2018 was Steven Vandeput minister van Defensie en Ambtenarenzaken in de federale...
Auteur: Mieke Strauven Grauwzuster Gertrudis van Schaffelen kwam in 1626 aan in Hasselt, met als doel...

Prinsbisdom Luik, 1659

Gebrandschilderd glas. Hasselt, Het Stadsmus, inv. nrs. 2014.0370 tot en met 2014.0377.

Maria-Helena Hubrechts was de zus van E.H. Jozef Hubrechts . Ze overleed samen met hem in de nacht van...
Eerwaarde Heer Jozef Hubrechts was pastoor van de Onze-Lieve-Vrouwbasiliek. Hij overleed samen met zijn...
Emiel Baptist werd geboren in 1895 in Godsheide als zoon van dienstknecht Andreas (Zonhoven 1847-Hasselt...
Auteur: Marc Jacobs Zie tekstpagina voor de uitgebreide beschrijving. Louis Berten werd geboren op 30...
1795-1824 : Etienne-François de Stenbier 1825-1867 : Charles-Philippe de Cecil 1868-1869 : Conrardus...
1830-1836 : Vandenborn, Hubert 1836-1864 : Stas, Paul 1865-1877 : Berden, Guillaume 1878-1884 : de Grady...
1830-1861 Gaspard Vandereijcken (Schulen 1798-?), brouwer-eigenaar 1861-1866 Pierre Jean Adons (Stevoort...