Kapel Onze-Lieve-Vrouw-Troost-der-Kleine-Kinderen (Diestersteenweg) - uit: Kermt & Spalbeek / Warm aanbevolen (2006)

Description

pp. 66-68

Op een paar honderd meter van de baan naar Diest, in de schaduw van een eik en twee linden, op de voetweg die naar de Willeman leidt, ligt een kleine zeventiende-eeuwse barokke kapel. Bedevaarders op weg naar Scherpenheuvel maakten er een traditioneel rustpunt van. Daarom sprak men vroeger jaren ook wel over "Onze-Lieve-Vrouw-van-de-Voetbaan". De dorpeling had het ook wel eens over "Onze-Lieve-Vrouw-op't-Grient" (grint = zandgrond met bomen beplant), in de volksmond verbasterd tot "Sint-Griens". Nog tot na de tweede wereldoorlog kwamen jonge moeders met probleemkinderen er steun en hulp zoeken. In 1949 bestond er zelfs een broederschap van Onze-Lieve-Vrouw, Troost der kleine kinderen.

Aansluitend bij deze volksdevotie brachten vanaf 1726 moeders hun kinderen die buikpijn hadden naar het altaar van Sint-Anna in de parochiekerk. Hier stond een beeld van Onze-Lieve-Vrouw die een kistje droeg. Hierin werden de huilende kinderen ofwel hun kleedjes neergelegd. Deze vorm van bijgeloof werd later door de kerkelijke overheid verboden.

De kapel, een initiatief van de heer Erard de Foullon de Cambray, raadsheer van de prins-bisschop van Luik, is een witgekalkte baksteenbouw, bekroond met een mergelstenen krulgevel en een gebogen fronton. Een rechte travee met halfronde absis wordt overkoepeld onder een leien zadeldak met dakruiter en naaldspits.

Omstreeks 1800 liet monseigneur Antonius Casimir baron de Stockheim, rustend suffragaan van het bisdom Luik, de kapel restaureren en vergroten. Een op het gebouw aangebrachte tekst met chronogram verwijst naar deze ingreep: CresCente aCCVrsV CresCebat forMa saCeLLi (toen de toeloop van het volk toenam, werd de ruimte van de kapel vergroot = 1811).

Herhaalde malen werd het bedehuisje beschadigd en geplunderd. Om het doelmatiger te kunnen beschermen tegen het vandalisme van de sansculotten in 1794 mocht een arme vrouw er haar woning inrichten. Een op het dak gemetst schouwtje is nog altijd een stille getuige van deze periode.

Op het altaar van de kapel staat een beeld van de Heilige Maagd met haar kindje op de arm. Abt Servatius Foullon van de abdij van Sint-Truiden, broer van Erard, had dit beeld in de kapel geplaatst. Het gaat om een jeugdwerk van de Luikse beeldhouwer Jean Delcour (1631–1707) dat hij vervaardigd had tijdens een reis naar Italië (1648-1657). Een dertigtal jaren geleden verdween het beeld uit de kapel en kwam terecht in privébezit.

De andere beelden uit de zeventiende eeuw die het interieur sieren stellen respectievelijk de heiligen Eligius van Noyon, Lambertus, Johannes de Evangelist en Rochus van Montpellier voor.

In de zeventiger jaren werd het verval van de kapel aangeklaagd, wat leidde tot een herstel van het bouwwerk. 

Recent toegevoegd

Auteur: Tom Kenis Geparafraseerde Radio 2-getuigenis van militair William De Wilde en zijn echtgenote...
Auteur: Tom Kenis De familie Trippas verbleef in Belgisch Congo van 1954 tot en met de onafhankelijkheid...
Auteur: Tom Kenis Antoinette Fransen, de moeder van Moelly Henno, werd tijdens Wereldoorlog II...
Zoveel Hasselaren, zoveel linken met Congo. Om de meest uiteenlopende redenen trokken Hasselaren al...
Auteur: Tom Kenis Joseph (°Hasselt 04.07.1926) en Denise (°Hasselt 22.01.1927) leerden elkaar kennen als...
Auteur: Tom Kenis André Billen, geboren in 1927, studeerde economie. Hij slaagde voor het diplomatiek...
Auteur: Tom Kenis De in Hamont geboren Joseph (Jef) Verlaak, thans inwoner van Viversel maar gedurende...
Auteur: Toon Blux Hermanus, Petrus, Joseph Blux is de oudste zoon van Louis Bleux (1) uit Kuringen en...
Auteur: Tom Kenis Edgard Jamart werd geboren in een gehucht tussen Bergen en Luik, maar woont al 40 jaar...
Auteur: Hubert Bovens Marcellin Lagarde werd geboren te Sougné, Sprimont in de provincie Luik op 2...